Recreatiewoningen
Permanente bewoning van recreatiewoonverblijven is verboden. In het bestemmingsplan is geregeld dat een recreatiewoonverblijf uitsluitend mag worden gebruikt voor recreatieve doeleinden, door personen die beschikken over een hoofdwoonverblijf elders. Dit hoofdwoonverblijf elders mag niet een zogenaamd papieren adres zijn, men moet daar ook daadwerkelijk wonen. Wie dus in een recreatiewoning woont, maar zich op een ander adres laat inschrijven, overtreedt dus de regels.
Bepalend voor de vraag of een recreatiewoonverblijf permanent wordt bewoond, is dus of iemand elders een hoofdwoonadres heeft, waar ook daadwerkelijk wordt gewoond. Het is uitdrukkelijk niet zo dat het toegestaan is om in een recreatiewoning te wonen, zolang men maar een aantal weken per jaar de recreatiewoning verlaat, bijvoorbeeld om vakantie te vieren. Dit is een veelgehoord misverstand.
Toezicht gemeente
De gemeente houdt toezicht op de naleving van bestemmingsplanvoorschriften. Er wordt dus ook gecontroleerd of recreatiewoonverblijven volgens de bestemming worden gebruikt.
Ook wordt onderzoek gedaan naar de voornoemde papieren schijnadressen. In de gemeente Harderwijk worden overtredingen al sinds 10 september 1997 niet meer getolereerd. Alle recreatieparken worden hierop gecontroleerd. En het gemeentebestuur treedt tegen elke overtreding daadwerkelijk op.
Voor 10 september 1997
Het gemeentelijk beleid kent een beperkte – en aflopende – overgangsregeling voor permanente bewoning van voor 10 september 1997. Sinds die datum heeft de gemeente naar iedereen duidelijk gemaakt dat permanent wonen niet is toegestaan en dat zij het plan heeft aan deze ontwikkeling een einde te maken. Via de media en brieven aan onder andere notarissen en makelaars is iedereen actief en aantoonbaar hierover geïnformeerd.
Mensen die voor die datum van 10 september 1997 een recreatiewoning bewoonden, mogen de bewoning voortzetten. Zij hebben een gedoogstatus gekregen. Deze gedoogstatus geldt echter alleen voor die persoon en zijn huishouden en alleen voor die recreatiewoning. De gedoogstatus is niet overdraagbaar. Wanneer de gedoogde verhuist, vervalt dus zijn gedoogstatus.
