De Hortus
Het gebied waar het stadspark ‘De Hortus’ is aangelegd is altijd groen geweest. In 1649 legde de Gelderse Academie in een deel van het gebied een Hortus Botanicus aan om de medische studenten de gelegenheid te bieden geneeskundige kruiden en heesters te bestuderen. Daarvoor is de grond een tijdlang in gebruik geweest bij kloosters. In die tijd stonden er drie kloosters in de binnenstad: het St. Catharinaklooster, het Minderbroederklooster en het klooster van de Orde Van St. Jan. Op het terrein was een boomgaard en men kweekte er groente en kruiden. Het gebied is nooit bebouwd geweest.
In 1818 werd de universiteit opgeheven, inclusief de Hortus Botanicus. De ‘kast-, oranjerij-, plant- en heestergewassen’ die zich hierin bevonden werden in 1821 door middel van een openbare verkoop van de hand gedaan.
De Hortus nu
Een tweetal bomen getuigt nog van de oude glorie van de Hortus, namelijk de bekende Ginkgo biloba en de voet van een reusachtige plataan welke in verband met gevaar voor afbreken geknot moest worden.
Door deze feiten is de cultuurhistorische waarde van het gebied al heel lang onderkend en ook het verlangen om iets van deze oude geschiedenis te doen herleven is niet nieuw. Er bestaat al een restauratieplan voor de zogenaamde Academietuin uit 1925 van de bekende architect L.A. Sprenger. De wijze waarop het gehele gebied is bestemd en door de wijzigingsbevoegdheid die is opgenomen in het bestemmingsplan Binnen de Veste-Zuid is het gehele binnenterrein veiliggesteld en zijn mogelijkheden geschapen om het geheel te kunnen herstellen en terug te brengen tot een belangrijk cultuurhistorisch monument, dat het aanzien waard is.
In 1989 is de eerste fase van het plan voor de herinrichting van het Hortusgebied uitgevoerd. Als herinnering aan de Hortus Botanicus werd een kruidentuin aangelegd. In de keuze van de beplanting, voor de eerste fase van het park, is rekening gehouden met soorten die blijkens oude plantlijsten in de ‘Academietijd’ ook al gebruikt werden. In de kosten van aanleg van het park werd voor een groot deel bijgedragen door de provincie Gelderland.
Bij het maken van het ontwerp voor de tweede fase is getracht om van het gebied één geheel te maken. Daartoe zijn ook enkele wijzigingen en aanpassingen in het reeds uitgevoerde plan aangegeven. Over de gehele lengte van het park loopt een pad, dat gemarkeerd wordt door strakke zuilvormige boompjes. Dit pad verbindt, ook visueel, het bestaande park met het tweede deel van het park. De cirkelvorm van de zitgelegenheid, achter de bibliotheek, wordt versterkt door plaatsing van een halfcirkelvormige pergola. De cirkelvorm komt in het tweede deel terug in de halfverharde ruimte onder de grote plataan. Ook hier wordt de cirkel nog versterkt door halfronde muurtjes.
