Nationale dodenherdenking

Op begraafplaats Oostergaarde zijn de Nederlandse oorlogsslachtoffers herdacht die tijdens de Tweede Wereldoorlog zijn omgekomen. En de Nederlanders die zijn omgekomen in oorlogssituaties en bij vredesoperaties na de Tweede Wereldoorlog. Burgemeester Jeroen Joon hield een toespraak tijdens deze Nationale Herdenking.

Toespraak: Littekens

'Beste aanwezigen en kijkers thuis,

De afgelopen maanden konden we op de NPO kijken naar de indrukwekkende serie De Joodse Raad. Bijna 1 miljoen mensen zagen in deze dramaserie de onvoorstelbare consequenties van de anti-Joodse maatregelen van de bezetter in de oorlogsjaren. Amsterdam jodenvrij maken, was de opdracht. Een daad en een tijd die bij alle betrokken enorme littekens heeft achtergelaten.

De serie zette mij en vele anderen aan het denken: welke keuze had ik gemaakt? Had ik het vuile spel van de bezetter doorgehad? En zo ja, was ik dan dapper genoeg geweest om me te verzetten? Het antwoord op die vragen weet ik niet, en hoop ik ook nooit te ontdekken.

Harderwijker Willem Foppen had die antwoorden wel. Willem kwam namelijk wél in verzet. Op de dag dat hij de Duitsers Harderwijk zag binnenkomen, pleegde hij ’s avonds zijn eerste verzetsdaad. Op het Kerkplein. Willem goot op een onbewaakt moment een fles benzine over een generator van de Duitsers. Die vatte vlam en werd zo onbruikbaar.

Maar daar zou het niet bij blijven. Met ongekende toewijding zette Willem zich vanaf die avond in om onderduikers te helpen en de Duitsers te frustreren met sabotage-acties. Ook toen hij zelf moest onderduiken. Dat deed hij bij de familie Schuurman, die in Harderwijk een tuinderij had. Maar zodra het duister viel, ging Willem nog steeds de straat op om banden van Duitse legervoertuigen lek te prikken.

Zijn daden bleven niet onopgemerkt bij de Verzetsgroep Harderwijk. Zij ontboden hem met een smoes in de consistorie van de Gereformeerde Kerk. Bij uitstek een plek die geschikt was als dekmantel voor het ondergrondse werk. Diezelfde avond sloot Willem zich met volle overtuiging bij hen aan. Blij dat hij zo kon deelnemen aan georganiseerd verzet tegen de Duitsers.

Willem bezocht in die tijd boerderijen in Horst & Telgt, waar veel jongemannen ondergedoken zaten. Hij zorgde voor extra geld en voedselbonnen voor de families die hen verborgen hielden. Ook bracht hij geheime papieren weg via het Kootwijkerzand. En ’s nachts haalde hij met de Verzetsgroep eens een flinke partij voedsel weg uit de Finofabriek. Ze brachten het naar het toenmalig Pius-Ziekenhuis, waar in de onderaardse gangen regelmatig onderduikers zaten verborgen.

Uiteindelijk was Willem met de Verzetsgroep ook belangrijk bij de bevrijding van onze stad. De Canadezen wilden de achtergebleven Duisters in de stad met artillerievuur dwingen om zich over te geven. Daar stak het verzet een stokje voor. Ze wilden niet dat Harderwijk in puin zou worden geschoten. En dat er mogelijk Harderwijkers zouden sneuvelen. De Canadese commandant gaf het verzet daarom de kans om vóór vijf uur die middag de Duitsers in de stad zélf gevangen te nemen. Anders zouden ze alsnog gaan schieten. Dat plan slaagde; de Duitsers gaven zich in een mum van tijd over. Daarmee werd de stad een tragedie bespaard én, belangrijker nog, bevrijd.

Willem heeft letterlijk en figuurlijk littekens opgelopen in die oorlogsjaren. Toch weerhield dat hem er niet van om zich aan te melden voor de oorlog tegen Japan. Slechts drie weken na de bevrijding vertrok hij naar Nederlands-Indië. Tot groot verdriet van zijn moeder. Maar ze kon hem niet tegenhouden.

Drie jaar heeft Willem aan de andere kant van de wereld gevochten. Het waren verschrikkelijke tijden, waarin aan beide zijden veel slachtoffers vielen. Het leed dat hij daar moet hebben gezien, is met geen pen te beschrijven. Ook daar droeg hij de littekens van mee in zijn verdere leven.

Willem pakte na de oorlog zijn leven weer op en werd een bekende badmeester in Harderwijk. Toen ik over zijn ervaringen in de oorlog las, kwam opnieuw de gedachte bij me op: zou ik net zo dapper zijn geweest als hij?

Welke keuze zou ik maken? Het is een vraag die ook in onze tijd actueel is. Kijk naar Gaza en Israël, Oekraïne en Rusland, de strijd tussen rechtse en linkse sentimenten in onze samenleving. Conflicten die oude littekens weer zichtbaar maken. Ze maken dat mensen opnieuw tegenover elkaar komen te staan. En dan rijst de vraag: waar sta je voor? Welke keuzes maak je? Begrijp je dat niet alles altijd zwart-wit hoeft te zijn, zoals ook het verhaal van de Joodse Raad ons duidelijk maakt?

Antisemitisme is weer in opkomst. Ook in Nederland. Aangewakkerd door onder meer het conflict in Gaza. En de reacties daarop van het Westen.

De sentimenten van dat conflict slaan over naar ons eigen land. We zagen het bij de protesten rond de opening van het Holocaust Museum in Amsterdam. We horen van toenemende scheldpartijen en bedreigingen richting Joodse Nederlanders. De onverdraagzaamheid, het hokjesdenken, het systematisch wegzetten van een bevolkingsgroep: het sijpelt langzaam maar zeker ons leven weer binnen.

En juist daarom mogen we nooit vergeten welke ellende er in de Tweede Wereldoorlog heeft plaatsgevonden. Hoe haat en vooroordelen diepe littekens hebben achtergelaten in de levens van mensen. Generatie op generatie. We mogen dat nooit bagatelliseren. De verhalen van toen moeten levend blijven, om ons blijvend te herinneren aan hoe het kwaad langzaam en haast ongemerkt onze samenleving in sloop. Opdat we dat nooit meer laten gebeuren.

In onze stad herinnert De Oude Synagoge ons aan de geschiedenis van Joodse Harderwijkers. Maar ook daar merkt men hoe antisemitisme weer toeneemt. Al langer wil de Stichting Joods Erfgoed Harderwijk in de Oude Synagoge een blijvende expositie inrichten over antisemitisme. De recente gebeurtenissen in Gaza, Israël, Europa en ons eigen land onderstrepen de noodzaak ervan.

En dus zijn de voorbereidingen voor een interactieve, blijvende expositie in volle gang. Gebruikmakend van het boek ‘Joodse Harderwijkers’ van Anton Daniëls, dat in tekst en beeld verhaalt over de geschiedenis van Harderwijkse joden, wordt een experience ontwikkeld die de consequenties van antisemitisme invoelbaar maakt. En de littekens zichtbaar.

Het is essentieel om de geschiedenis van de jodenvervolging over te dragen, zeker aan onze jongeren. Het doel is niet om ze pasklare antwoorden te presenteren. De Stichting wil vooral duidelijk maken dat aan dit soort onderdrukking een systeem ten grondslag ligt. Een systeem dat ook op andere plaatsen en momenten in de geschiedenis zichtbaar wordt. Ook in onze omgeving. Ook nu.

Antisemitisme moet worden beleefd, besproken en bestreden. Want we moeten van de geschiedenis leren. Dat zijn we verplicht aan al die onschuldige slachtoffers die we vandaag herdenken.

Zij werden vervolgd om wie ze waren. Onderdrukt, afgevoerd en tewerkgesteld. Velen werden gefusilleerd, vergast of bezweken aan uitputting en ziekte. En als ze het al overleefden, waren ze getekend voor het leven. Levenslange littekens op lichaam en ziel.

Ook jongemannen zoals Willem Foppen liepen littekens op. Hij én de vele andere Harderwijkers die tijdens en na de oorlog waren aangesloten bij de Binnenlandse Strijdkrachten. Stadsgenoten die na de bevrijding naar Nederlands-Indië trokken om daar opnieuw te vechten voor vrijheid. Amper bekomen van de oorlog in eigen land. Niemand van hen kwam zonder littekens terug. Velen spraken er nooit meer over.

Vandaag, op 4 mei, zijn we hier, op deze plek, om hen te gedenken die zijn gevallen in de Tweede Wereldoorlog, hier en in Nederlands-Indië. Zij die zich opofferden voor onze vrijheid. En zij die nog dagelijks de sporen van een oorlog met zich meedragen.

Maar laten we ook stil staan bij de kwetsbaarheid van vrede. Vrede die allerminst vanzelfsprekend is en die we morgen uitbundig mogen vieren. Het in stand houden ervan en het voorkomen van nieuwe conflicten vraagt een inspanning van ons allemaal. Het vraagt om tolerantie en verbondenheid.

Daarmee is het herdenken van de slachtoffers van oorlog niet alleen een daad van respect, maar ook een toezegging om ons blijvend in te zetten voor een veilige toekomst. Alleen dan kunnen we volgend jaar samen 80 jaar vrijheid vieren.

Laten we de geschiedenis niet vergeten. En vanavond samen herdenken. Om de mensen van toen te eren, zelf te helen, maar ook om nieuwe littekens te voorkomen.'